Waardebepaling innovatieve technieken voor dijkversterkingen

Het consortium LievenseCSO, Brightwork, Megaborn en Boorsma werkt sinds oktober 2015 gezamenlijk voor het Waterschap Rivierenland binnen het raamcontract ‘Advies- en Ingenieursdiensten’. In december 2015 is binnen dit raamcontract een eerste project verworven, namelijk de Business cases voor de Projectoverstijgende verkenning Macrostabiliteit van het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP).

Het verworven raamcontract loopt twee jaar, met een mogelijkheid tot verlenging van maximaal twee jaar. Binnen het consortium werken de partijen samen om te komen tot een complete dekking van alle werkzaamheden die binnen de vier waterschapsprogramma’s zijn vastgesteld. LievenseCSO werkt aan de programma’s waterveiligheid en watersysteem. Brightwork is verantwoordelijk voor waterketen. Megaborn werkt aan wegen en Boorsma aan alle programma’s. Naast de partijen in het consortium zijn er nog twee onderaannemers betrokken, Mijnsen en Quatre-C.

Waardebepaling van innovatieve technieken

Het project dat het consortium verworven heeft, is het opstellen van business cases ten behoeve van de Project Overstijgende Verkenning Macrostabiliteit (POVM) vanuit het HWBP. Waterschap Rivierenland is trekker van deze POVM. De aanleiding is tweeledig, de overheid heeft veel geld beschikbaar gesteld voor de aanpak van waterkeringen en daarmee samenhangend is er enorm veel veranderd in de regelgeving op gebied van de veiligheid van waterkeringen. Doordat er de komende jaren veel projecten in uitvoering gaan, kan er enorm veel voordeel worden gehaald in het toepassen van innovaties voor het aanpakken van het faalmechanisme  Macrostabiliteit. Om die reden is deze POVM gestart, waarbij het doel is projectoverstijgend kennis te ontwikkelen om de verbetering van waterkeringen in de toekomst beter, sneller en goedkoper te kunnen realiseren.

Zes koploperprojecten

De POVM behandelt vijf clusters van innovatieve technieken, waarvan een business case wordt gemaakt. Dit zijn vernagelingstechniek, drainagetechniek, langsconstructies, grondverbeteringstechniek en actuele sterkte. In de business cases wordt een waardebepaling gemaakt van de vijf clusters, voor het scenario dat de technieken straks bruikbaar zijn voor een zestal koploperprojecten binnen het HWBP. Vervolgens wordt een doorvertaling gemaakt naar het potentieel voor de landelijke opgave van afgekeurde waterkeringen.

De waardebepaling in de business case wordt gemaakt op basis van drie criteria: kostenreductie, tijdswinst en kwaliteit. Bij het laatste item zijn nog weer een aantal subcriteria geformuleerd, o.a. duurzaamheid, uitvoeringshinder, ruimtelijke kwaliteit en toekomstige uitbreidbaarheid van de dijkversterking.